In de kijker:

Korfvlechten nog altijd actueel

Zij die dachten, dat de tijd dat men nog bijenkorven vlechtte lang voorbij was, hebben het mis. Op zondag 6 juli 2014 troffen we op twee verschillende locaties nog korven- en mandenvlechters aan. Een eerste korfvlechterm (zie foto) ontmoetten we tijdens ons bezoek aan de opendeurdag van imkersvereniging Sint-Ambrosius Hamont-Achel. Later op de dag zagen we een korfvlechter en enkele mandenvlechters aan het werk op de open dag, georganiseerd door de Nederlandse imkersvereniging ‘t Wilgenroosje Cranendonck.
Op de foto: korfvlechter Antoine Schildermans (83) uit Hamont.

Berokers

Het museum kon haar collectie imkersmaterialen aanvullen met enkele oude berokers. Vooral de beroker rechts op de foto is interessant: hij werd vervaardigd door de A.I. Root Company in Medina (Ohio, USA).

Schenking oude imkersmaterialen

De familie Wouters uit Houthalen-Helchteren schonk het Bijenteeltmuseum diverse oude imkersmaterialen, waaronder enkele kapruinen, een Nederlandse beroker en een vierkante bijenkorf. De korf, gevlochten van stro, is van binnen gespijld. De bovenzijde van de korf is afgedekt met een plankje om de indringing van hemelwater te voorkomen. Vooral de korf is een mooie aanvulling van de collectie bijenkorven van het Bijenteeltmuseum.

Nieuwe aanwinst: stoomwassmelter

Doordat bijenraat meermaals bebroed wordt, vervuilt de raat. De wasraat wordt steeds donkerder, maar ook de cellen worden kleiner. Het is dus een noodzaak om regelmatig de raten te vernieuwen. Oude raat wordt vervangen door kunstraat. Met behulp van een wassmelter kunnen we de oude was uit de raampjes halen. Met een moderne stoomwassmelter gaat dit zeer makkelijk.

Boekencollectie museum aangevuld

Deze maand kon de boekencollectie van de museumbibliotheek aangevuld worden met volgende boeken: Een leven voor de koningin (Carlie Stijnen), Het Honingboek (Greet Buchner), Honing, één en al natuur (Swiers Karin), Bezige bijtjes (Sue Whiting) en Thieme’s bijenboek (Ted Hooper). Uitgebreidere info over deze boeken vind je op deze museumsite onder de rubriek Bibliotheek.

Elektrisch ontzegelmes

Imker Laurent Ignoul (Antwerpen) schonk aan het Bijenteeltmuseum een elektrisch ontzegelmes. Het is van een recentere datum en zelfs nog nooit gebruikt. Toch vervolledigt dit apparaat de collectie ontzegelmessen van het Bijenteeltmuseum. Info over dit elektrisch ontzegelmes (handleiding, producent, e.d.) is welkom.

Bijenteeltmuseum verwerft kolbtoestel

Het oogsten van heidehoning is een geval apart. Vroeger werd heidehoning door de meeste Limburgse imkers met een honingpers uit de raten geperst. In 1908 werd het kolbtoestel uitgevonden. Dit toestel bezit honderden lange roestvrijstalen naalden. Door middel van het draaien van een krukas, drukken deze naalden zich in de cellen van een honingraam. Hierdoor vermindert de vastheid van heidehoning. Uitsluitend na deze bewerking kan de heidehoning uit de honingramen geslingerd worden. Het kolbtoestel (datering 1930) werd aan het Bijenteeltmuseum geschonken door een imker uit Brasschaat.

Watergieter

Soms worden aan het Bijenteeltmuseum voorwerpen aangeboden, die niet rechtstreeks met imkeren te maken hebben, maar door vorm of kleur naar de honingbij verwijzen. De afgebeelde watergieter rust op 6 pootjes en is voorzien van 2 paar vleugels. In het lijf van de bij kan ruim 1 liter water. De kop van de bij is voorzien van een tiental kleine gaatjes, waardoor het water in fijne straaltjes over de planten kan worden gegoten.

IF BEES ARE FEW ...

Doris Denekamp en Jimini Hignett bezochten op 13 januari het Bijenteeltmuseum te Lanaken. Zij verzamelden er beeldmateriaal dat - samen met het verhaal van de Engelse wetenschap- en fictieschrijver Simon Ings - gebundeld zal worden in de publicatie “If Bees Are Few...” Op de foto Doris Denekamp tijdens het fotograferen van een Ambrosiuskorf.

Bijenteeltmuseum verwerft elektrisch wielspoor

Het wielspoortje werd begin vorige eeuw door imkers gebruikt voor het insmelten van kunstraat. Kunstraat is een dun vel bijenwas met voorgedrukte zeshoekige bijencellen. Het rolspoor heeft een tandwieltje dat - net zoals de velg van een fiets - een diabolodoorsnede heeft, zodat het zichzelf op een draad geleidt. Het wielspoortje werd warm gemaakt en met een vlugge beweging over de spandraden van het bijenraam gerold.

Pagina's